Regiemodel versus self-delivery
Bij een self-delivery model voert de facilitaire dienstverlener een groot deel van de dienstverlening zelf uit. Bij een regiemodel staat juist de regie centraal en wordt voor iedere dienst de leverancier gekozen die het beste past bij de vraag van de organisatie. De belangrijkste verschillen:
Leverancierskeuze
– Regiemodel: keuze uit de volledige markt, op basis van kwaliteit, prijs en geschiktheid.
– Self-delivery: de dienstverlener zet vaker eigen uitvoerende bedrijven in.
Onafhankelijkheid
– Regiemodel: advies en leverancierskeuze zijn onafhankelijk van commerciële belangen.
– Self-delivery: de regieorganisatie heeft ook belang bij de prestaties van de eigen uitvoerende diensten.
Flexibiliteit
– Regiemodel: leveranciers kunnen eenvoudiger worden vervangen of toegevoegd wanneer de organisatie of dienstverlening verandert.
– Self-delivery: veranderingen zijn vaker afhankelijk van de mogelijkheden binnen de eigen organisatie van de dienstverlener.
Innovatie
– Regiemodel: toegang tot innovaties en specialistische kennis uit de volledige markt.
– Self-delivery: innovaties sluiten vaak aan bij de eigen dienstverlening en oplossingen van de dienstverlener.
Sturing
– Regiemodel: de focus ligt op de totale gebruikerservaring en de prestaties van de volledige keten.
– Self-delivery: de nadruk ligt vaker op de prestaties van de eigen dienstverlening.
De belangrijkste keuze
De keuze tussen beide modellen gaat uiteindelijk niet over goed of fout. Het gaat om de vraag welke inrichting het beste aansluit bij de doelstellingen van jouw organisatie. Voor organisaties die maximale keuzevrijheid, objectief advies en regie op meerdere gespecialiseerde leveranciers belangrijk vinden, biedt een onafhankelijk regiemodel vaak de meeste ruimte. Omdat de regisseur geen eigen uitvoerende belangen heeft, kunnen leveranciers en oplossingen steeds opnieuw worden gekozen op basis van wat het beste past bij de opgave.





